World

Marokko: eerste hulp verliep goed, nu wachten regen en kou | Buitenland

Drie weken na de aardbeving in Marokko heeft de eerste noodhulp veel slachtoffers kunnen helpen, zo meldt het Rode Kruis. Nu is het zaak om de mensen in het getroffen gebied voor te bereiden op het komende winterweer. ,,Veiligheid, onderdak en hygiëne zijn nu de grote problemen.”

De Internationale Federatie van het Rode Kruis en de Rode Halve Maan (IFRC) is grotendeels tevreden over het verloop van de hulpverlening die vlak na de aardbeving van 8 september op gang is gekomen. Het gebied ten zuiden van Marrakesh werd toen getroffen door een zware aardbeving van 6,8 op de schaal van Richter.

De belangrijke toeristenstad zelf had wel wat schade, maar de verwoesting in de bergen van de Hoge Atlas was vele malen groter. Volgens de meest recente officiële cijfers zijn er bijna drieduizend mensen omgekomen en meer dan zesduizend gewond geraakt. Ook is er grote schade aangericht aan gebouwen en infrastructuur. Er zijn zo’n vijftigduizend huizen ingestort.

Eerste noden

Een woordvoerder van de IFRC meldt dat de eerste noden van de getroffen bevolking inmiddels gelenigd zijn. Het gaat dan vooral om voedsel en water. De organisatie heeft inmiddels zelf achthonderd hulpverleners in het gebied, maar roemt ook de vele vrijwilligers uit Marokko en de relaxation van de wereld die zijn komen helpen. ,,Hygiëne en veiligheid blijven echter een grote zorg. Duizenden households wonen nog steeds in geïmproviseerde hutjes. Zij hebben nog steeds dringend behoefte aan onder meer matrassen, dekens, kookgerei en hygiënische middelen.”

‘Heftige naschok’

Yusuf Emre Dönmez uit Twente was in Marokko, waar hij met een aantal andere vrijwilligers ruim twee weken in touw is geweest om hulp te bieden. Hun stichting HulpMedet bracht allerlei hulpgoederen naar afgelegen dorpen. ,,Voedselpakketten natuurlijk, maar ook luiers, dekens en speelgoed voor de kinderen. En we waren niet de enigen. Er was zoveel hulp dat er op de smalle wegen soms geen doorkomen aan was. Sommigen lieten zelfs hun pakketten halverwege achter bij een soort inleverpunt en draaiden toen om. Wij zijn elke dag dieper en dieper de bergen ingegaan. We kwamen in dorpen waar nog helemaal geen hulp was geweest, en waar soms alles verwoest was. Eén keer was er een heftige naschok, heel eng, alsof er een vrachtwagen vlak langs ons heen denderde.”

Voor zover Dönmez het kan beoordelen was de eerste hulp die de Marokkaanse overheid bood ‘wel op orde’. ,,Ik heb veel helikopters en vrachtwagens van het leger gezien, en belangrijke wegen waren snel vrijgemaakt van rotsblokken. Soldaten deelden dekens en matrassen uit. En dat deden ze goed: per gezin, zodat mensen er niet met te veel dekens vandoor gingen.” Hij snapt de internationale kritiek op de regering wel een beetje: die nodigde maar vier landen uit om mee te helpen (Spanje, Qatar, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Arabische Emiraten). ,,Elke hulp is natuurlijk welkom. Maar ik heb ook gezien hoe moeilijk het gebied te bereiken is. Vaak is er maar één smalle weg naar boven. Met hoeveel vrachtwagens of graafmachines kun je daar overheen?”

Regen en kou

De IFRC waarschuwt nu voor de verwachte weersveranderingen. Ze houdt rekening met regen, aardverschuivingen en dalende temperaturen. Het kan vooral ’s nachts erg koud worden. ,,Hierdoor worden de wegen ook weer slechter, waardoor met title geïsoleerde bergdorpen nog moeilijker te bereiken zijn. We moeten dus nu al zorgen dat ze daar essentiële voorraden krijgen. Dat wordt een race tegen de tijd.” Met het komende koude weer steekt ook een ander gevaar de kop op. Omdat veel dorpen momenteel geen elektriciteit hebben, zullen mensen binnen in huizen of tenten gaan koken of de boel verwarmen met gasstelletjes. Het gevaar voor branden neemt hierdoor fors toe, vreest de organisatie.

Het gewone leven

In Marrakesh neemt het leven weer langzaam zijn loop. Winkeliers wachten met sensible op toeristen. Die gingen of bleven na de aardbeving massaal weg, hoewel dit het hoogseizoen is. ,,Er wordt exhausting gewerkt om de stad weer veilig te maken”, zegt de Nederlandse Cantal Bakker, die in de stad het fietsenproject Pikala runt. ,,Beschadigde huizen worden weer hersteld, krakkemikkige muren neergehaald. Ook is er een grote opruimactie gestart, omdat er in en buiten de stad opeens overal plastic lag, waarschijnlijk verpakkingen van alle hulpgoederen. De overheid wil heel graag dat het gewone leven weer doorgaat, dus mensen mogen ook niet meer buitenslapen. Voor de mensen die toch nog niet de nacht binnen durven door te brengen, is het stadion uitgeruimd. Daar is plek voor tweeduizend mensen.”

Volgens Bakker is er inmiddels veel geld toegezegd aan de getroffenen. ,,De mensen van wie het huis helemaal verwoest is, krijgen zo’n twaalfduizend euro. Vaak kunnen ze daar zelfs een beter huis van neerzetten. Als je huis half is ingestort, krijg je achtduizend euro. En de mensen die niet meer kunnen werken, krijgen een basissalaris van zo’n tweehonderd euro per maand. Dat is voor hier allemaal echt heel royaal. De vraag is nu hoe ze dit gaan uitvoeren en controleren. Het is natuurlijk een enorme operatie.”

Related Articles

Back to top button